Het leven en de werken

jan-dejong.nl

THUIS  |  ESSAYS  |  500 WOORDEN  |  COLUMNS  |  RECENSIES LTM  | JAN DE JONG OP CUBRA.NL  |  FOTO'S 


 

 

Ramsey Nasr: Mijn nieuwe vaderland.

Gedichten van crisis en angst (2011).

Amsterdam: De Bezige Bij.

Isbn 978 90 234 6994 0, €16,50, 110 blz.

 

 

 

 

 

Dichten om de stilte te verscheuren  |

 

 

Op de lijst van meest invloedrijke Nederlanders komt hij niet voor. Ik meld het zonder de triomfantelijke ondertoon die GeenStijl bij dit ‘nieuwtje’ bezigde. Nasr zelf zegt ergens dat hij vanzelfsprekend wel naar invloed streeft. Ander kun je net zo goed ophouden. Daar heeft hij gelijk in. Het gaat om het nastreven van een doel. Niet om het bereiken ervan. Karel van het Reve formuleerde het ooit als ‘gelijk hebben is belangrijker dan gelijk krijgen’. Dat is hetzelfde. Er is een zekere mate van eigenzinnigheid voor nodig. En je moet natuurlijk tamelijk ambitieus achter je eigen overtuiging staan.

En tenslotte moet je dat allemaal ook nog eens goed onder woorden kunnen brengen. Karel van het Reve kon dat. En Ramsey Nasr kan het ook. In zijn jongste bundel Mijn nieuwe vaderland staan gedichten, essays en lezingen die hij als dichter des vaderlands sinds januari 2009 schreef. Hem een ‘geëngageerd dichter des vaderlands’ noemen, lijkt een pleonasme. Maar in vergelijking met zijn illustere voorgangers is zijn engagement wel uitgesprokener. ‘Het zijn er de tijden ook naar,’ zou hij desgevraagd antwoorden. En ook al zien sommigen in de dichter niets anders dan een hofnar zonder invloed, het is niettemin zijn voorname taak om zijn stem op niet mis te verstane wijze te laten horen. Zoals in de ‘nieuwjaarsgroet’ uit januari 2010:

 

zo, JP, hoe voelt het om te liegen

en dan te moeten zien dat het gedrukt staat?

hoe voelt dat, om als christendemocraat

de zijde van herodes te verkiezen

 

en honderdduizend kinderen te doden

omwille van één koning? volkenrecht?

ik ken een land dat dozen resoluties

juist dankzij ons al jaren naast zich neerlegt.

 

ziehier onze premier, hij leest de krant

en denkt: laat ze maar lullen, mijn geweten

is zuiver en geen koren zonder kaf.

 

’t is goed te liegen voor het vaderland.

de beste wensen nog van alle irakezen

massaal vernietigd en bevrijd in ’t graf.

 

De toon is gezet, noem je dat geloof ik. Hier spreekt een dichter met een missie. Het gedicht is scherp en actueel. En daarin schuilt nu tegelijk een mogelijk gevaar. Want hoewel deze verzen wellicht bedoeld zijn om de herinnering aan een historische vergissing tot in de eeuwigheid levend te houden, zo werkt het natuurlijk niet. Want wie weet er nu, ruim twee jaar later, nog wat in 2010 de actuele aanleiding voor dicht gedicht is geweest? Ja, iets met de inval in Irak. Maar was die niet al veel langer geleden? Om de gedichten tegen de tand des tijds te behoeden, heeft Nasr ze van een korte toelichting voorzien, waarin hij de actualiteit weer even aanstipt.

 

Behalve van een opstandige felheid geven de gedichten van Nasr ook blijk van virtuoos, poëtisch taalgebruik (zie bijvoorbeeld de ongemakkelijke paradox van de christendemocraat die de zijde van Herodes kiest), maar ook van diepgevoelde emotie. Ik citeer het sonnet naar aanleiding van de ‘damschreeuwer’ (4 mei 2010).

 

een mooie dag om stilte te verscheuren.

oud-strijders staan te beven aan de kant

de blikken op zwart-wit – en het gebeurt.

gewoon, omdat het kan. omdat één man.

 

het is de wet van nederland. bij ons

moet alles vroeg of laat een keer gebeuren

dus dan ook dit. elkeen zoekt het licht

als hamsters in een bak met open deuren.

 

ik heb vandaag mijn oorlogsland herdacht

en struikel voort in volle ongeremdheid

zozeer bevrijd dat ik een kind vertrap.

 

vlak voor mijn voeten valt een hoogbejaarde

in zijn soldatenpak. hij huilt. ik kijk.

waar alles mag is ieder vogelvrij.

 

Dit is een gedicht waar je het nog eens over kunt hebben. Omdat je over poëzie wilt praten. En dan komt het beeld van de hamsters aan bod. Of de krachtige ellips ‘omdat één man.’ Of het onbehaaglijke beeld dat ‘zozeer bevrijd dat ik een kind vertrap’ oproept. Of het onrustbarende slot dat ‘vrij’ en ‘vogelvrij’ niet langer tegenover elkaar, maar juist in elkaars verlengde plaatst.

Maar je kunt het natuurlijk ook over de gebeurtenis hebben. Er de bijbehorende beelden van YouTube bij laten zien. En je dan afvragen hoe het toch komt dat dit gedicht die paar minuten op 4 mei beter verwoordt dan alle gebabbel van analisten in de weken erna.

En zo houden deze gedichten de recente geschiedenis levend: de aanslag op de koningin (30 april 2009), het aantreden van het kabinet Rutte (najaar 2010), de bezuinigingen op kunst en cultuur (vanaf december 2010), de opening van het Huis van Europa in Den Haag (mei 2011).

De dichter toont zich altijd betrokken en erudiet, sterk formulerend en genadeloos. En knap voordragend (Nasr is ook acteur) als hij daartoe de gelegenheid krijgt. De vele televisieoptredens zijn makkelijk te vinden en te downloaden. Zoek bijvoorbeeld eens naar zijn gepassioneerde optreden bij Paul & Witteman, waar hij op 14 november 2010 ‘Mijn nieuwe vaderland’ voorlas.

 

Zo’n gedicht dat je moet lezen én horen is het virtuoze ‘mi have een droom’, met als ondertitel ‘(rotterdam, 2059)’. Nasr leest het met een onmiskenbaar Rotterdams accent voor in de straattaal van 2059. De eerste regels:

 

wullah, poetry poet, let mi takki you 1 ding: di trobbi hier is dit

ben van me eigen now 66 jari & skerieus ben geen racist, aber

alle josti op een stokki, update, wats deze shit?

 

In feite volgt Nasr hier het omgekeerde procedé van zijn prozadebuut Kapitein Zeiksnor & de twee culturen uit 2001. Daar hanteerde hij vaardig het laatnegentiende-eeuwse register van Lodewijk van Deyssel. In ‘mi have een droom’ trekt hij de lijn van de straattaal anno nu consequent door naar het jaar 2059. ‘Een gedicht over nostalgie in de toekomst,’ noemt hij het zelf. En: ‘een ode aan mijn geboortestad Rotterdam’, die in de newspeak van die toekomst ‘roffadam’ heet. Het gedicht is niet slechts een magistraal blijk van eigen kunnen. Nee, er is meer, want Nasr zou Nasr niet zijn, als hij deze multicultureel pratende roffadammer niet eenzelfde verheerlijking van het verleden meegaf, die wij zo pijnlijk goed van onze dagen kennen:

 

dus poetry poet, kijk me ogen, luister me oren, want hier is mi torri

hardcore & luid: mi have een droom, vol is vol, belanda boven.

 

Waarmee de dichter des vaderlands doet wat van hem mag worden verwacht: alles nog eens in perspectief plaatsen. Want juist daardoor is Mijn nieuwe vaderland bij uitstek geschikt om met name bij jongeren langs te laten komen. Vanwege de poëzie, vanwege actualiteit, en vanwege het feit dat die twee klaarblijkelijk onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Maar toch vooral omdat er nou eenmaal altijd iemand moet zijn die iets zegt. En wie zou dat beter kunnen dan de nationale dichter, of hij nou invloed heeft of niet.