Het leven en de werken

jan-dejong.nl

THUIS  |  ESSAYS  |  500 WOORDEN  |  COLUMNS  |  RECENSIES LTM  | JAN DE JONG OP CUBRA.NL  |  FOTO'S 


Mooie Keetje uit Oosterhout,

'Het Noordbrabantsche meisje'

(Hildebrand: Camera Obscura)

afbeelding: CuBra


 

Op weg naar huis  |

9 maart 2013

 

 

Alvin Lee is dood. Wie? Alvin Lee is de man die in zijn eentje een verjaardagsfeestje in een schuur in Rijen tot een succes maakte. Het was eind juni 1970 en er werd iemand zestien. Mooie leeftijd. De moeizaam bij elkaar gespaarde Puch stond te glimmen achter het huis. Spiksplinternieuw. Nog niet eens opgevoerd, dat stond de volgende dag op het program. Bewonderende blikken van de jongens die nog geen zestien waren. En van de zestienjarigen die nog niet klaar waren met sparen, zoals ik. Mijn Puch volgde een paar maanden later, een tweedehandsje dat wel zestig kon!

De jarige had het feest goed voorbereid. De ramen van het schuurtje achter het huis waren verduisterd, binnen hielden een paar kleine lampjes en wat kaarsen het gezellig. Er waren zoutjes (Nibits!) en pinda’s. En eigenaardige gehaktballetjes die de Keuringsdienst van Waren over het hoofd had gezien. Er waren een paar flessen wijn. En er was bier, heel veel bier. O ja, en we rookten shag, niet uit armoede maar uit principe – zo jong als we waren.

De muziek kwam uit een koffergrammofoon waar met een provisorisch gesoldeerd koperdraadje één geluidsbox aan was bevestigd. Die box was van mij, dat wil zeggen, van mijn vader. Die werkte als radiotechnicus op de vliegbasis en daar maakten zie die dingen.

Twee jongens hadden een platenkoffertje meegebracht. Singles. Er zat van alles bij: Beatles, Stones, Kinks en ook ‘Times were when’ van de Cats. Maar dat plaatje haalde de draaitafel maar één keer. Daarna werd het tot groot verdriet van de rechtmatige eigenaar geofferd aan de goede smaak. Wist u dat vinyl best kunstzinnig omkrult als je er een brandende kaars onder houdt?

Na twee uur bier drinken en shag roken alsof het iets anders was, begon het feest iets treurigs te krijgen. Goed, we hadden de aanval van de Cats dan wel dapper van ons afgeslagen, maar toch. Na de zevende keer ‘Ruby Tuesday’ was daar de aardigheid ook wel van af. En juist toen wij het plan opvatten om na de Cats die hele schuur maar in de hens te steken, kwam Jaap binnen. ‘Beetje laat,’ lachte hij. Maar wat hij tevoorschijn toverde maakte alles goed. Het was een elpee. Nee, het waren drie elpees. Het was de driedubbele Woodstockplaat, net een maand uit! En omdat Jaap niet van onnodig oponthoud hield, zette hij meteen kant 4 op. ‘Moet je luisteren.’

We hoorden een aarzelende jongsstem. Die verlegen mompelde dat ze nu ‘Going home’ gingen spelen. En toen vlamde in één klap de meest snerpende gitaar die we ooit gehoord hadden uit mijn vaders box. De schuur hoefde niet meer in brand, de muziek deed het werk. Elf minuten lang speelde Ten Years After de beroemdste versie van hun beroemdste nummer. En elke seconde was de moeite waard.

Van de week stierf Alvin Lee. Nog maar 68 jaar oud. Een monument hoeft hij niet meer. Dat staat al op YouTube: