Het leven en de werken

jan-dejong.nl

THUIS  |  ESSAYS  |  500 WOORDEN  |  COLUMNS  |  RECENSIES LTM  | JAN DE JONG OP CUBRA.NL  |  FOTO'S 


Mooie Keetje uit Oosterhout,

'Het Noordbrabantsche meisje'

(Hildebrand: Camera Obscura)

afbeelding: Cubra


 

Een lesje is bescheidenheid  |

7 april 2012

 

 

Afgelopen donderdag stopte mr. J.L. Heldring als columnist van NRC Handelsblad. En dat ging niet ongemerkt voorbij. Niet alleen de krant zelf, maar ook radio en televisie besteedden ruimschoots aandacht aan ’s mans afscheid. Leuk, al die belangstelling voor een collega, dacht ik onbescheiden. Iemand van het formaat van Heldring een collega noemen, getuigt immers niet van een scherp gevoel voor verhoudingen. 52 jaar lang schreef deze eminentie zijn stukjes in de NRC. Alle groten der aarde hebben in die jaren wel een lik van zijn pen gekregen. Van Kennedy tot Obama, van Boer Koekoek tot Geert Wilders.

Vergeleken met Heldring ben ik meer de stukjesschrijver van Madurodam. Of, beter, van Oud Oosterhout, dat in tegenstelling tot het randstedelijke broertje braaf en statisch de eeuwwisseling blijft ademen. De vórige eeuwwisseling wel te verstaan, die van 1900.

In 2005 ben ik voor het laatst in Madurodam geweest, samen met mijn vader en mijn zoon. Leek ons leuk, zo’n mannendagje. In de trein ging het al mis. Daar heerste de terreur van krijsend en rennend grut. Mijn zoon en ik wisselden van tijd tot tijd moodlustige blikken. Alleen mijn vader bleef stoïcijns. Hardhorendheid kan soms best handig zijn. Maar toen wij in Den Haag op het perron stonden, sprak hij de gedenkwaardige woorden: ‘Hè, heb ik net gisteren nieuwe batterijen in mijn hoorapparaat gedaan.’ Waarna wij gedrieën besloten om meteen maar door te reizen naar een comfortabel terras voor een paar flinke glazen bier. Zo’n dag werd het toen.

Als ik de kranten mag geloven, is Madurodam inmiddels danig gemoderniseerd. Met honderden touch screens en andere vervaarlijke onzinnigheden. Er zijn ook dingen verdwenen ‘die mensen toch niet meer herkennen’. Ik geloof niet dat ik er nog dringend heen moet.

Dat ik in Oud Oosterhout was, is langer geleden. Misschien wel vijftien of twintig jaar. Ik weet nog dat ik er destijds niet zo van onder de indruk was. Madurodam in de kop hè. Maar naar verluidt staan er inmiddels wel zo’n 250 maquettes in het park. Dat moet zo ongeveer heel Oosterhout van 1900 zijn! Touch screens en andere nieuwigheden ontbreken – wat mij weer erg voor het park inneemt. Goed, het beeld bij het St. Josephziekenhuis is een tikje aan de grote kant, maar het onloochenbare feit dat dat het originele beeld is, maakt weer een hoop goed.

Ik weet niet of Heldring ooit in Madurodam is geweest. Het zal wel, want iederéén is daar geweest. Maar in Oud Oosterhout? Dat betwijfel ik. Toch weet ik bijna zeker dat het de behoudende denker (die nu in alle kranten zelf een ‘monument’ wordt genoemd) daar beter zou bevallen dan in het hectische ‘Modernodam’.

En ik? Misschien moet ik binnenkort toch vrouw en kleinkind maar eens in de auto laden en naar Oud Oosterhout afreizen. Gewoon om me weer klein te voelen. Een lesje in bescheidenheid.