Het leven en de werken

jan-dejong.nl

THUIS  |  ESSAYS  |  500 WOORDEN  |  COLUMNS  |  RECENSIES LTM  | JAN DE JONG OP CUBRA.NL  |  FOTO'S 


Mooie Keetje uit Oosterhout,

'Het Noordbrabantsche meisje'

(Hildebrand: Camera Obscura)

afbeelding: Cubra


 

Kleine problemen, kleine oplossingen  |

13 augustus 2011

 

Van de week belde Boris Johnson me op. De burgemeester van Londen wilde weten wat ik in hemelsnaam met zijn stad had gedaan. Hij had hem zo netjes achtergelaten toen hij met vakantie ging. Ik heb hem aangeraden eens een voorbeeld aan Oosterhout te nemen. Daar zorgen ze er tenminste voor dat de opstandige jeugd iets omhanden heeft. De Eneco Tour bijvoorbeeld. Goed, het kost even wat voorbereiding, maar dan heb je ook wat.

‘Voorbereiding?’ vroeg Boris. Ik somde op: maandenlang plannen, veertig vrijwilligers, lunchpakketten voor de medewerkers, om nog maar te zwijgen van de verkeersmaatregelen en het omringende amusement. Het is allemaal niet niks natuurlijk.

Boris vond het maar ingewikkeld klinken. Vooral omdat hij geen idee had wat die Eneco Tour nou eigenlijk precies was. Een wielerwedstrijd? Zoiets als de Tour de France dus?

‘Nou ja,’ bezwoer ik, ‘maar dan wel een heel kleine Tour de France. Je moet ook weer niet meteen gaan overdrijven.’

Ik hoorde de mayor zuchten. ‘Maar we hebben de echte Tour de France al in Londen gehad! Net die Eneco van jullie, maar dan op grote-mensenformaat.’

‘Een kermis dan?’ opperde ik. ‘Zo eentje met fraaie attracties. Een reuzenrad en zo.’

‘Maar wij hebben het London Eye toch,’ begon Boris te mopperen. Nu was het mijn beurt om te protesteren. ‘Eén reuzenrad maakt nog geen kermis,’ doceerde ik, ‘ook niet als het 365 dagen per jaar staat te draaien. De Oosterhoutse kermis heeft dit jaar 75 attracties. 75, Boris! Dat zijn er vijf meer dan vorig jaar. Want er moet wel groei in zitten. Anders houd je de jeugd natuurlijk niet in toom. Je hebt aan den lijve ondervonden wat jongeren doen, als er maar één reuzenrad in de stad is.’

En even was het stil aan de andere kant. De mayor zat ongetwijfeld uit te dokteren waar hij 75 kermisattracties moest laten in zijn stad. Veel tijd om na te denken gaf ik hem niet. Het volgende idee kwam al opborrelen. Een sporttoernooi. Zomerspelen voor de kleintjes. Voetballen voor de groteren. Misschien een paar tenniswedstrijdjes, ook altijd leuk voor een bepaald soort publiek.

‘Tja, we hebben natuurlijk Wimbledon al,’ mijmerde Boris, ‘maar dat is duidelijk niet genoeg. Jullie hebben in Oosterhout natuurlijk veel meer. Zou de Olympische Spelen wat zijn?’

Ik schoot in de lach. ‘Get real, Boris,’ sprak ik hem in mijn beste Engels vermanend toe. Megalomane dwaas, dacht ik er stiekem bij. Een mens moet natuurlijk wel realistisch blijven.

‘O ja, en je zou verder ook nog iets aan kunst kunnen doen. Kunst verbroedert. Wij hebben binnenkort de Open Ateliers Oosterhout. Zónder ballotage! En wat hebben jullie?’

‘300 musea,’ gromde Boris Johnson. ‘En nog breken ze de stad af.’

Ik dacht na. ‘Maar het kan ook zijn dat jullie gewoon tevéél hebben. Grote voorzieningen, grote rellen, nietwaar? Bij ons is alles een onsje minder. Hooguit op zaterdagavond een klein opstootje in de Klappeijstraat.’

Het gesprek stokte. Ik hoorde hem slikken. ‘En wij hebben niet eens een Klappeijstraat,’ snikte Boris toen.