Het leven en de werken

jan-dejong.nl

THUIS  |  ESSAYS  |  500 WOORDEN  |  COLUMNS  |  RECENSIES LTM  | JAN DE JONG OP CUBRA.NL  |  FOTO'S 


Mooie Keetje uit Oosterhout,

'Het Noordbrabantsche meisje'

(Hildebrand: Camera Obscura)

afbeelding: Cubra


De teletijdmachine  |

18 juni 2011

 

Ik ben een groot liefhebber van Suske en Wiske. Dat komt zo: als wij in pakweg 1962 met onze Ford Anglia op bezoek gingen bij mijn oom en tante in Amsterdam, dan bestond de lol voor mij uit drie dingen. Allereerst was daar de reis, een onderneming die met militaire precisie werd voorbereid. Een belangrijke hindernis was verkeersplein Oudenrijn, dat in die tijd het aanzien had van een rotonde zoals je er tegenwoordig in elk Brabants dorp twaalf tegenkomt. Maar met de kennis van toen kwam je er nog niet zo makkelijk overheen. Uitkijken was de boodschap! Daarna moesten in Amsterdam zelf de RAI en het Olympisch Stadion gerond worden. Waarna de Zeilstraat (altijd lastig) en het Hoofddorpplein aan de beurt waren. (Oplettende lezertjes hebben het al gezien: we zitten in Slotervaart. Maar dat was in die tijd een heel nette buurt.)

Het tweede pluspunt van zo’n dagje Amsterdam was de speeltuin tegenover het huis van mijn oom en tante. En het derde was de regen. In mijn herinnering regende het toen vrijwel altijd. En dan zat ik binnen met mijn neus in de stripboeken van mijn veel oudere neef. ‘De Duistere Diamant’ bijvoorbeeld. Waarin Suske en Wiske, samen met Tante Sidonia en Lambik in een heuse jeep naar de Middeleeuwen werden geflitst. Dat gebeurde met de teletijdmachine van Professor Barabas. Die machine behoort zonder enige twijfel tot de grootste en belangrijkste uitvindingen van de twintigste eeuw. Waarvoor Barabas alsnog de Nobelprijs moet krijgen. Wat onze helden daar in die Middeleeuwen precies te zoeken hadden, is me enigszins ontschoten. Het had in ieder geval iets met een zwarte diamant van doen. En omdat er in vroeger eeuwen geen teletijdmachines bestonden, had Barabas ook nog eens een portable variant uitgevonden. Die had de vorm van een armband, waarmee de tijdreiziger te allen tijde terug kon naar de moderne wereld.

We zijn inmiddels een kleine vijftig jaar verder. En de techniek heeft zich goed dóórontwikkeld. Want tegenwoordig hoeven belangstellenden zich niet langer terug te laten flitsen naar voorbije eeuwen, ze kunnen die eeuwen gewoon naar ons toe laten komen. Dat is tenminste de enige verklaring die ik kan bedenken voor een hoogst eigenaardig fenomeen. Het deed zich vorig weekeinde voor. Zeven prehistorische wandelaars liepen van Veldhoven naar Dongen (over prehistorie gesproken!). Tot lering en vermaak van de Barabassen van onze tijd, die graag eens wilden zien hoe dergelijke onbeschaafde wezens met dierlijke trekken (en, o wonder, ook nog met een bril op) zich in de harde realiteit van 2011 staande hielden.

Nou, dat viel om de drommel niet mee. Zonder gsm en zonder veel te grote ecologische voetstap kom je niet ver in onze wereld. Maar ja, dat had ik die wetenschappers ook zo wel kunnen vertellen. Daar hadden die malle exoten niet dat hele eind voor hoeven lopen.