Het leven en de werken

jan-dejong.nl

THUIS  |  ESSAYS  |  500 WOORDEN  |  COLUMNS  |  RECENSIES LTM  | JAN DE JONG OP CUBRA.NL  |  FOTO'S 


Mooie Keetje uit Oosterhout,

'Het Noordbrabantsche meisje'

(Hildebrand: Camera Obscura)

afbeelding: Cubra


Wel geld, geen boodschappen  |

21 mei 2011

 

Een mensenleven geleden kwam ik nog wel eens in Raamsdonk. Het Dorp, niet het Veer. Dat lag daar zo lekker pretentieloos te liggen dat ik er soms jaloers op werd. Een leven als god in Raamsdonk, dat leek me wel wat. Natuurlijk, het dorp was wereldberoemd dankzij ‘De moord van’, maar daar had niemand het meer over. Wel over de melkboer die in die tijd, we schrijven 1978, nog dagelijks met paard en wagen langs de deuren kwam. In de rest van Nederland was de zuiveldistributie toen al een stuk geavanceerder geregeld. Amerika had een man op de maan, Raamsdonk had een man op de bok. Zo lagen de verhoudingen een beetje.

We zijn nu ruim dertig jaar verder en er is niet zo heel veel veranderd, merkte ik van de week. Het gaat misschien wat ver om te zeggen dat de tijd in het dorp heeft stilgestaan, maar zo heel erg opgeschoten zijn ze toch ook niet. Er waren zo’n dertig dorpers afgekomen op iets wat met een iDop te maken had. Dat klinkt een stuk flitsender dan het is. Met een iPad heeft het bijvoorbeeld alleen het eigenaardige woordbeeld gemeen. Nee, een iDop, zo leerde ik, was een integraal Dorpsontwikkelingsplan. Merk hierbij op dat het woord ‘integraal’ in deze combinatie helemaal niks betekent. Het had dus ook gewoon een Dop kunnen zijn.

De dertig dorpers werden in verband met dat Dop gehoord over hun dorpswensen. In de echte wereld hoor je dan al gauw shopping malls en spoorwegstations langskomen. Maar niet bij de Raamsdonkers. Die begrijpen heel goed dat hun dorp te klein is voor een heuse winkel. En de bus (in Raamsdonk rijdt de BBA nog) komt toch ook iedere dag op incourante tijden wel een paar keer langs.

Nee, ze vragen niet veel. Hooguit een plek waar ze wat ‘dagelijkse artikelen’ kunnen kopen. Brood en worst, denk ik dan. En melk, als dat paard tenminste niet meer rijdt.

Mis.

In Raamsdonk zijn dagelijkse artikelen nuttige zaken als wenskaarten en postzegels. Er gaan bij ons thuis weken voorbij zonder dat mijn lief en ik die dingen nodig hebben. Maar wij hebben natuurlijk ook e-mail.

Ook een prikpost vinden de ingezetenen welhaast onontbeerlijk. Denkt u wel eens na over een comfortabel leven? En zit u dan ook zo vreselijk om een prikpost verlegen?

En de laatste voorziening die op de Raamsdonkse verlanglijstjes figureert: een pinautomaat. En ik dacht meteen: waarvoor? Ze hoeven geen winkel, maar wel een flappentap. Wat doen ze met dat geld? Kaarten? Dat deden wij vroeger met stuivers, maar misschien is de inflatie op dat terrein iets harder gegaan dan ik me kan voorstellen.

Nee, het blijft een mooi dorp, Raamsdonk. Maar een pinautomaat? Zou ik niet doen. Daar komt maar onrust van.